Politieke peilingen: De Telegraaf vertrouwt blind op De Hond

Door Sander Cox

telegraafDe geschreven media staan wekelijks vol met berichten over politieke peilingen. Zelfs een verschuiving van één zetel bij een partij is voor sommige dagbladen vaak al reden genoeg om hierover te berichten. Zo bracht De Telegraaf op maandag 12 januari een bericht met als nieuws: ‘PvdA verliest twee zetels’. Maar in hoeverre is het eigenlijk mogelijk om dergelijke kleine verschuivingen te constateren? En belangrijker nog: hoe zit het met de representativiteit en betrouwbaarheid van zulke onderzoeken? FHJ Factcheck ging op onderzoek uit.

Het onderzoeksbureau van Maurice de Hond publiceert wekelijks de resultaten van een peiling over de politieke voorkeur en het vertrouwen in de belangrijkste politici. Overigens kan iedereen lid worden van dit politieke panel. En daar wringt gelijk de schoen. Want als iedereen zich aan kan melden en direct wordt toegelaten, kan een onderzoek dan nog een representatief beeld geven van de Nederlandse bevolking? “Elke onderzoeksvorm heeft het probleem dat representativiteit niet automatisch gewaarborgd is en dat je dus handelingen moet verrichten waardoor je die representativiteit benadert. Dat is ook mijn bezwaar tegen uitingen van wetenschappers zoals Van Holsteyn. Als ik hun eigen onderzoeken zie dan merk ik dat ze vergelijkbare problemen hebben met kwaliteit van het onderzoek en representativiteit, maar dat ze dan veel minder kritisch zijn dan wanneer het over anderen gaat”, reageert Maurice de Hond.

“Immuun voor deze peilingen”
Bijzonder hoogleraar Kiezersonderzoek Joop van Holsteyn van de Universiteit van Leiden en lid van het EenVandaag Panel, stoort zich aan het kuddegedrag van de journalistiek wat betreft het overnemen van peilingennieuws. Actualiteiten die er volgens hem niet toe doen. “De Hond spreekt over verschuivingen die helemaal geen verschuivingen zijn. Een wijziging van één zetel is namelijk niet mogelijk. Voor mij is het bericht betekenisloos, want over dit soort wijzigingen kun je helemaal geen voorspellingen doen. Ik word langzamerhand immuun voor deze peilingen waar het gaat over een verschuiving van één zetel. Jammer dat er nog steeds journalisten zijn die dit publiceren”, benadrukt Van Holsteyn.

De hoogleraar benadrukt dat het voor de betrouwbaarheid van een peiling cruciaal is of de steekproef wel of niet aselect is. Van Holsteyn zette in september 2006 in een artikel op De Nieuwe Reporter uiteen waarom veel peilingen volgens hem nietszeggend zijn. “Als we op basis van onze steekproef uitspraken over de populatie willen doen, dan dienen alle leden van die populatie een gelijke of althans bekende kans te hebben om in de steekproef te komen.” Die peiling moet, zoals dat heet, aselect of ad random zijn. “Pas dan kan, met nog een paar slagen om de arm, de vertaalslag van steekproef naar populatie worden gemaakt. En pas dan kan de peiling een beeld geven van het electoraat of van de Nederlandse bevolking.”

“Nauwkeuriger werken”
Maurice de Hond legt uit dat het wel degelijk mogelijk is om een verschuiving van één zetel te constateren. “Met de wijze waarop ik mijn onderzoek doe, onder andere door steeds bij te houden wat mensen de vorige keer hebben geantwoord, kun je veel nauwkeuriger werken dan bij een willekeurige steekproef waar je inderdaad door de marges die bij statistiek gelden een onzekerheidsmarge hebt van één tot drie zetels. Maar als je met regelmaat aan dezelfde mensen vraagt wat ze zouden stemmen, dan kan dit wel een hard bewijs zijn voor de daling van een zetel.”

De Hond is van mening dat de hoogleraar kritiek uit op iets wat hij zelf ook fout doet. “Ik reageer al tijden niet meer op Van Holsteyn. Sinds ik hem als wetenschapper die meewerkt aan een volkomen niet representatief onderzoek als het EenVandaag Panel serieus heb horen toelichten dat 75 procent van de Nederlanders tegen zou stemmen bij het referendum over de Europese verkiezingen, stel ik vast dat hij bij zijn kritiek op anderen de balk in zijn eigen oog niet ziet.”

“Geen tijd om uit te zoeken”
Volgens de hoofdredactie van De Telegraaf is het logisch dat een medium dit nieuws overneemt. “Als er verschuivingen in het politieke landschap plaatsvinden, is dat voor ons hoe dan ook nieuws”, vertelt hoofdredacteur Charles de Vroede. De landelijke krant kan zich niet vinden in de kritiek van de hoogleraar. De Telegraaf zegt volledig te vertrouwen op het bureau van Maurice de Hond. “We ontvangen wekelijks informatie van De Hond. Als dan blijkt dat er zetelverschuivingen zijn, dan is dat voor ons reden om het te publiceren. We hebben geen tijd om uit te zoeken hoe de enquêtes tot stand zijn gekomen en hoe de resultaten zijn berekend. We vertrouwen volledig in de deskundigheid en onderzoeksmethoden van Maurice de Hond. Als Van Holsteyn zegt dat dergelijke peilingen betekenisloos zijn, dan kan hij het beste een brief sturen naar alle enquêteurs in plaats van telkens te verkondigen dat je hierover geen voorspellingen kan doen“, verdedigt hoofdredacteur De Vroede.

Wel of niet betrouwbaar, wel of niet representatief. Het blijft lastig om de betrouwbaarheid en representativiteit van onderzoeken of peilingen te beoordelen. Duidelijk is in ieder geval wel dat er veel haken en ogen zitten aan resultaten van politieke peilingen. Verstandig dus om het nieuws over zetelverschuivingen voortaan met een korreltje zout te nemen.

Bronnen:
Prof. Joop van Holsteyn, Universiteit van Leiden.
Maurice de Hond
Charles de Vroede, De Telegraaf.

4 reacties

Opgeslagen onder Uncategorized

4 Reacties op “Politieke peilingen: De Telegraaf vertrouwt blind op De Hond

  1. Prima bericht, maar De Hond (en de Telegraaf) komen wel heel makkelijk weg. De manier waarom het panel van De Hond is samengesteld en hoe die verschuivingen afgeleid kunnen worden uit individuele veranderingen blijft volkomen duister.

    De Hond probeert door te jij-bakken er onderuit te komen, maar de zwakke plek is het dubieuze panel en het totale gebrek aan transparantie.

    De Telegraaf-houding van ‘als het maar een goed verhaal is’ lijkt me ook niet zo sterk. Je zijnmisschien op iemadn blind kunnen vertrouwen als die het bijna altijd bij het recht eind heeft gehad. Geldt dat voor het De Hond-panel?

  2. Suzanne

    Erg leuk om hier wat over te lezen. Ik heb mijzelf ook al regelmatig afgevraagd hoe het zit met de respresentativiteit van peilingen.
    En Piet, je hebt helemaal gelijk!

  3. Pingback: De representativiteit van politieke peilingen « Sander studeert af

  4. Ed

    Ik denk niet dat de peiling met een representatieve steekproef het meest betrouwbare is, maar een representative steekproef onder de mensen die gaan stemmen.

    Er zijn bepaalde groepen ondervertegenwoordigd by het stemmen; zoals zwakken en onverschilligen. Hierdoor heeft de Hond wel degelijk kans. De mensen van zijn panel zijn betrokken en gaan dus ook eerder naar de stembus dan de onverschilligen.

    De beste toets is om de voorspellingen van de Hond (en anderen) te vergelijken met de uiteindelijke verkiezingsuitslagen over een aantal stemmingen en dan kan je statistisch bepalen wie er steeds het meest gelijk had. Heeft iemand hier overigens de resultaten van?

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s