België kampt niet met friettentenoverschot

Door Lisanne van Groeningen

Op www.volkskrant.nl is op 20 maart 2011 te lezen dat België kampt met een friettentenoverschot. Onze zuiderburen zouden zuchten onder een overschot van ruim duizend friettenten. Als bron haalt volkskrant.nl het Nationaal Verbond voor Frituristen aan, die deze uitspraak deed in de Belgische krant De Zondag. Maar zijn er echt te veel friettenten? Of zijn er te veel friettenten die slechte frietjes bakken? Of is er een andere reden?

De internetredactie van de Volkskrant heeft dit bericht op de site geplaatst naar aanleiding van een artikel in de Belgische krant De Zondag. De eerste zin van de eerste alinea van het artikel op volkskrant.nl luidt: ‘België is ruim vijfduizend friettentjes rijk en dat zijn er volgens het verbond te veel’. Na het lezen van deze zin kun je veronderstellen dat er meer aanbod dan vraag is en dat België kampt met een economisch overschot van friettenten. Vandaar dat het Nationaal Verbond voor Frituristen (Navefri) de opleiding tot frituuruitbater wil verplichten, zodat niet meer iedereen een friettent kan openen. Anderzijds, als je verder leest in het artikel lijkt het alsof er duizend friettenten te veel zijn in België, omdat de kwaliteit van de friet slecht is. Bernard Lefèvre, voorzitter van Navefri, zegt in het artikel: “Friet bakken is deels kennis en deels kunst, als je dat niet bezit, kan je geen succesvolle frituur beginnen.”

 Aanleiding voor De Zondag

De journalist van het artikel in de Belgische krant De Zondag benaderde het Nationaal Verbond voor Frituristen met de vraag of dit ook opleidingen organiseert voor buitenlandse studenten die graag een snackbar met Vlaamse frieten willen openen. Het antwoord luidde: “Nee, niet speciaal voor buitenlanders.” Wel bestaat er een opleiding tot frituuruitbater bij het Vlaamse Syntra en het IFAPME in Wallonië, die is opgezet in nauwe samenwerking met het verbond. Leerlingen krijgen dan één keer per week, een jaar lang, les in het runnen van een friettent. Deze opleiding is volgens voorzitter Bernard Lefèvre eerder bedoeld voor Belgen. Maar buitenlanders die bereid zijn de jaaropleiding te volgen, zijn welkom.

Gedurende het gesprek vroeg de journalist of er te weinig friettenten waren in België, gezien de bestaande opleiding. Lefèvre antwoordde: “Neen, in feite zijn er te veel die opengaan.” De journalist vroeg hoeveel en Lefèvre antwoordde: “Eigenlijk een duizendtal. Maar er is nog wel plaats voor goede friettenten.” De journalist zette deze uitspraak in de verkeerde context. Lefèvre bedoelde namelijk dat er iedere twee jaar duizend friettenten te veel worden geopend door eigenaren, die later beseffen dat de friettenten niet aan hun verwachtingen voldoen. Dit vermeldde de journalist van De Zondag niet in zijn artikel. Daarin staat namelijk: in België zijn er momenteel zo’n vijfduizend frietkotten, wat er volgens Navefri al duizend te veel zijn. Een verplichte opleiding zou dus ook helpen om het aantal starters te verminderen. Volkskrant.nl nam dit nieuws over van het ANP, die het verkreeg via Belga die het weer uit De Zondag haalde. Volkskrant.nl zocht geen contact met Navefri. Vervolgens werd het nieuws op de website www.volkskrant.nl geplaatst.

Het ‘overschot’

Op www.volkskrant.nl staat dat België ruim vijfduizend friettenten rijk is en dat zijn er volgens het verbond te veel. Dat is niet waar. Volgens de voorzitter van Navefri, Bernard Lefèvre, is er nog genoeg plaats voor goede friettenten. Uit marktonderzoek blijkt namelijk dat 93% van de bevolking tussen de 15 en 65 jaar wel eens een friettent bezoekt. Daaruit concludeert hij dat vijfduizend friettenten aan de hand van vraag en aanbod niet te veel is. Dat betekent dat er geen economisch overschot is aan friettenten in België zoals volkskrant.nl deed vermoeden. De website meldde namelijk dat Navefri een opleiding tot friturist wilde verplichten, zodat niet meer iedereen een snackbar kon openen. 

Bernard Lefèvre vindt wel dat er iedere twee jaar duizend friettenten te veel worden geopend door eigenaren die later beseffen dat de friettenten niet aan hun verwachtingen voldoen. “Uit contact met de groothandels in België, stellen wij dat er jaarlijks vijfhonderd friettenten hun deuren sluiten doordat er niet aan de verwachtingen van de eigenaar wordt voldaan. Als je een onderneming begint, heb je als eigenaar twee verwachtingen: het plezier van je baan en het inkomen. Het hoeft niet zo te zijn dat de vijfhonderd friettenten per jaar failliet gaan, het kan dus ook zijn dat ze sluiten vanwege de werkdruk of een lager inkomen dan verwacht. De kwaliteit van de frietjes heeft hier in eerste instantie niets mee te maken.” Dat maakt duidelijk dat de bewering die volkskrant.nl deed niet klopt. Daarin stond namelijk dat een derde van alle frietzaken binnen een jaar failliet gaat vanwege de slechte frietjes. Volgens Navefri moet je als eigenaar veel en hard werken op momenten waarop anderen vrij zijn en vaak het frituurvet verversen. De kostprijs van een frietje is meer dan de kosten van de aardappel. En ook omzetten kunnen tegenvallen op dagen buiten het weekend. Volgens het verbond zijn er ongeveer iedere twee jaar duizend eigenaren van friettenten die hier niet mee om kunnen gaan. Vandaar het ‘overschot’ van duizend eigenaren. 

Daarnaast praat Navefri over 4500 tot 5000 binnen- en buitenstaande friettenten, dus kun je ook de ‘ruim vijfduizend’ van de website van de Volkskrant in twijfel trekken.

Opleiding tot frietbakker

In het bericht van www.volkskrant.nl staat dat de Navefri de opleiding tot frituuruitbater wil verplichten. Lefèvre bevestigt dit. “Door de kennis die je opdoet tijdens de opleiding, is de kans van een goedlopende friettent hoger. Het geeft echter geen garanties. Ik merk dat er jaarlijks te veel eigenaren hun zaak sluiten. Door een opleiding weten zij beter wat zij kunnen verwachten en kunnen zij hier op inspelen. Het wil niet zeggen dat als je geen opleiding volgt, je geen goede frietkot kan beginnen. Daar zijn de vierduizend succesvolle frietkotten het bewijs van.” Ook meldt de website van de Volkskrant dat er op het moment vijf campussen zijn waar je de opleiding kunt volgen. Die campussen vallen allemaal onder dezelfde school, namelijk Syntra. De opleidingen kun je volgen op de volgende locaties van Syntra: West, Midden-Vlaanderen, Brussel, Limburg en Antwerpen & West-Brabant. Daarnaast is de opleiding ook te volgen in Wallonië en wel via het instituut IFAPME. Dat betekent dat er zes scholen zijn die de opleiding tot frituuruitbater aanbieden. Binnenkort opent er nog één in Wallonië.

Failliet

Volgens volkskrant .nl zegt Bernard Lefèvre dat ongeveer een derde van alle snackzaken binnen een jaar failliet is. Bernard Lefèvre meldt dat dit wel erg veel is. “Dan houden we geen friettent meer over.” Op de website beweert NaVeFri echter wel dat er te veel snackbars dicht gaan binnen drie jaar na de start. Jaarlijks sluiten zo’n 500 friettenten de zaak wegens tegenvallende omzetten en de hoeveelheid werk, niet eens omdat het faillissement over hun zaak is uitgesproken. De meerderheid had de zaak pas geopend: drie jaar geleden of korter. Geconcludeerd kan worden dat ongeveer ieder jaar een tiende (5000 frietzaken in België: 500 sluitende zaken = een tiende deel) van alle frietzaken in België zijn deuren sluit. Navefri stelt wel dat er jaarlijks ook weer zo’n 500 friettenten worden geopend, het aantal frietzaken blijft namelijk stabiel.

Conclusie

Het ‘overschot’ van duizend friettenten is niet te wijten aan de geringe vraag in de markt. Ook is er geen overschot aan friettenten waarvan de kwaliteit van de frietjes slecht is. Het getal duizend komt ergens anders vandaan, namelijk dat duizend friettenten per twee jaar hun frietzaken sluiten. Dat zijn er volgens Navefri duizend friettenten te veel en zij willen dit dan ook voorkomen door een opleiding tot frituuruitbater te verplichten. Navefri denkt dat nieuwe ondernemers minder snel hun snackbar sluiten omdat zij dan weten hoe ze een goede frietkot moeten runnen. Eigenaren stoppen nu omdat de omzet lager is dan verwacht of omdat ze geen plezier hebben in hun werk. Thijs van Soest, coördinator van volkskrant.nl: “Het betreft hier een stuk van de persbureaus ANP en Belga. Daar hebben wij een overeenkomst mee. De inhoud van dergelijke stukken checken wij niet altijd, daarvoor ontbreekt de mankracht en de tijd. Deze bureaus zijn in de regel echter betrouwbaar. Overigens wordt in het stuk ook gemeld wie de bewering doet.”

 Bronnen:

Artikel www.volkskrant.nl: http://www.volkskrant.nl/vk/nl/2664/Nieuws/article/detail/1862454/2011/03/20/Belgie-kampt-met-een-friettentenoverschot.dhtml

Artikel De Zondag, verkregen via Navefri

www.navefri.be

Voorzitter van Navefri, Bernard Lefèvre

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Uncategorized

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s