“We hebben het onderzoek simpelweg niet eerder gezien”

GPD logoDoor Aukje Schoonus

‘Voor negenhonderd basisscholen dreigt sluiting binnen drie jaar’. Dit is de eerste zin van een artikel in het Brabants Dagblad van woensdag 7 december 2011. De informatie in het artikel is grotendeels gebaseerd op een rapport van het Instituut voor Onderzoek van Overheidsuitgaven (IOO). FHJ Factcheck is benieuwd of de informatie in het artikel klopt.

Het onderzoek
Hoewel in het artikel alleen met de woorden ‘een rapport’ naar het onderzoek wordt verwezen, was het gemakkelijk te vinden op de website van de rijksoverheid. Het onderzoek is uitgevoerd in opdracht van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW). De titel is: ‘Kostenremanentie bij scholen voor primair onderwijs in krimpgebieden’. In het rapport wordt de publicatiedatum vermeld: ‘juni 2011’. Over het rapport is op 14 september een Kamerbrief verschenen, ondertekend door minister Marja van Bijsterveldt van OCW. De naam die bovenaan het artikel in het Brabants Dagblad staat, laat zien dat het bericht afkomstig is van een journalist van de Geassocieerde Pers Diensten (GPD). Waarom bericht het GPD in december over een onderzoek dat al in juni van hetzelfde jaar gepubliceerd is? Uit navraag bij een van de onderzoekers, Zosja Berdowski, blijkt dat de media niet actief zijn benaderd over het onderzoeksrapport. Het is een vraag die wij aan de schrijver van het artikel voorleggen.

‘Feiten’ in het artikel
Even terug naar de eerste zin van het krantenartikel. Uit het onderzoek blijkt dat deze informatie niet helemaal klopt. Lees deze passage uit het rapport: In de periode 2010-2014 zouden, als de huidige opheffingsnorm niet verandert en het beleid niet wijzigt, 900 scholen hun deuren moeten sluiten wegens meerjarige overschrijding van de opheffingsnorm.’ (pag. 20)
De ‘drie jaar’ die in het artikel genoemd wordt, is dus in feite vijf jaar. Maar als je je bedenkt dat 2010 voorbij is en dat dat ook bijna geldt voor 2011, dan klopt het dat er drie jaar overblijft. Het getal van de negenhonderd basisscholen in de context van het GPD klopt dan echter niet meer. Immers, in die twee jaren die al verstreken zijn, zou een deel van die negenhonderd basisscholen al gesloten moeten zijn.

In het bericht wordt vervolgens uitgelegd wat die ‘opheffingsnorm’ is:  ‘Een school moet de deuren sluiten als het drie opeenvolgende jaren niet voldoet aan de norm voor het minimum aantal leerlingen. Deze opheffingsnorm is afhankelijk van de bevolkingsdichtheid en het laagst mogelijke aantal is 23 leerlingen in dunbevolkte gebieden.’
In het onderzoek is deze informatie niet terug te vinden. Een zoektocht op het internet via Google, met als zoekterm ‘opheffingsnorm’, levert echter wel de juiste informatie op. In de beantwoording van Kamervragen over het mobiliteitsplan ‘In beweging’ voor leerkrachten in krimpgebieden, legt minister Van Bijsterveldt (indirect) uit wat de opheffingsnorm inhoudt: ‘Bij daling van het aantal leerlingen, dalen zo ook de opheffingsnormen, waardoor er ook in dunbevolkte gebieden voldoende scholen zijn. De bekostiging van scholen stopt pas nadat scholen drie jaren achtereen onder de opheffingsnorm zitten. Er zijn verschillende bepalingen in de wet opgenomen, waardoor scholen ook onder de opheffingsnorm kunnen blijven bestaan (laatste school van een richting, geen andere scholen in de buurt). (… ) Ook kan ik toestaan dat scholen met minder dan 23 leerlingen tijdelijk worden opengehouden, als er op termijn perspectief is op meer leerlingen.’

Hoewel de uitleg van de opheffingsnorm in het artikel dus niet volledig is, is hij wel juist.
Deze onvolledigheid heeft geen consequenties voor wat er in de rest van het artikel wordt beweerd. Want, aldus het onderzoek, als deze opheffingsnorm niet wijzigt en het beleid niet verandert, dreigt voor 900 basisscholen sluiting binnen vijf jaar. En dat is ook wat je uit het artikel kunt opmaken.

Reactie van de AOb
In het krantenartikel wordt een woordvoerder van de Algemene Onderwijsbond (AOb) geciteerd. De woordvoerder, die niet bij naam wordt genoemd, vertelt dat de onderwijsbond zich zorgen maakt over de ontwikkelingen en dat zij vindt dat scholen te laat reageren op krimp in hun regio en dat ze meer moeten gaan samenwerken. FHJ Factcheck was benieuwd of de woordvoerder vindt dat hij door de journalist goed geciteerd is in het artikel. Een telefoongesprek met persvoorlichter Thijs den Otter van de AOb maakt duidelijk dat de betreffende woordvoerder goed geciteerd is in het bericht. De persvoorlichter legde uit dat de bond een duidelijk beleid heeft en dat de verschillende woordvoerders opdracht krijgen om de standpunten van de bond op een bepaalde manier naar buiten toe te verwoorden.

Reactie van de journalist
Journalist Jan ter Harmsel, werkzaam bij de GPD, heeft het artikel geschreven. De reden voor het later brengen van de resultaten van het onderzoek, is volgens hem dat ze het simpelweg niet eerder gezien hebben. “Een collega van me kwam het onderzoek ergens tegen en wees me er op. Je maakt dan een afweging of het nieuws nog relevant is of niet. In dit geval vond ik het nog relevant en besloot ik er een artikel over te schrijven. Het rapport is dan wel in juni verschenen, maar volgens mij is het pas rond november naar de Tweede Kamer gestuurd. Ook de meeste andere media hebben het gemist, of hebben er ook later over bericht.”
Ter Harmsel zegt het onderzoek zelf gelezen te hebben. Wanneer hij wordt geconfronteerd met de fout in de eerste zin van het artikel, reageert hij instemmend. “Vanaf nu tot eind 2014 is drie jaar. Het klopt dat statistisch gezien het gegeven van de negenhonderd basisscholen dan niet meer juist is. Dat laatste heb ik over het hoofd gezien.”

Conclusie
Op de vraag ‘Waarom bericht het GPD in december over een onderzoek dat al in juni van hetzelfde jaar gepubliceerd is?’ heeft de journalist die het artikel geschreven heeft, een duidelijk antwoord gegeven: omdat de GPD het onderzoek gewoon niet eerder gezien heeft. Daarnaast beaamde hij dat hij een fout had gemaakt in de eerste zin van zijn artikel. Naast deze fout en de onvolledigheid wat betreft de opheffingsnorm, is de overige informatie in het krantenartikel juist.

Bronnen:

Artikel ‘Sluiting scholen dreigt’ in het Brabants Dagblad van woensdag 7 december 2011

Journalist Jan ter Harmsel van de GPD

Onderzoekster Zosja Berdowski van IOO

Persvoorlichter Thijs den Otter van de AOb

Berdowski, Z., Eshuis, P.H., Oploo, M. van (2011) Kostenremanentie bij scholen voor primair onderwijs in krimpgebieden Instituut voor Onderzoek van Overheidsuitgaven

http://www.rijksoverheid.nl/documenten-en-publicaties/rapporten/2011/09/14/kostenremanentie-bij-scholen-voor-primair-onderwijs-in-krimpgebieden.html

Bijsterveldt, J.M. van (2011) Onderzoek naar kostenontwikkelingen bij schoolbesturen in krimpgebieden 14 september 2011 Tweede Kamer: Den Haag (Kamerbrief)

http://www.rijksoverheid.nl/documenten-en-publicaties/kamerstukken/2011/09/14/onderzoek-naar-kostenontwikkelingen-bij-schoolbesturen-in-krimpgebieden.html

Bijsterveldt, J.M. van (2011) Vragen van het lid Dijsselbloem over het mobiliteitsplan “In beweging” 28 november 2011 Tweede Kamer: Den Haag (Beantwoording Kamervragen)

http://www.rijksoverheid.nl/documenten-en-publicaties/kamerstukken/2011/11/28/beantwoording-kamervragen-over-het-mobiliteitsplan-in-beweging.html

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Brabants Dagblad, GPD

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s