‘Feiten’ in de Facebook-moord

Door Jiry Funke, Tom Kupper en Melissa Zevenbergen

In het voorjaar van 2012 wordt de moord op de 15-jarige Joyce ‘Winsie’ Hau uit Arnhem breed uitgemeten in de landelijke media. De 14-jarige jongen Jinhua K. lijkt de dader te zijn. Hij is door Polly W. en Wesley C., eveneens minderjarig, gevraagd het meisje te doden. Geroddel en beledigingen op sociale netwerken blijken het motief te zijn. Maar wie de woorden ‘Facebook’ en ‘sms’ wegdenkt uit de berichtgeving, ziet dat slechts een triviale tienerruzie ten grondslag ligt aan de afschuwelijke moord. De vraag is welke rol de media innemen bij het onder de aandacht brengen van deze gruweldaad.

We controleren berichtgeving van de Telegraaf, de Gelderlander en het persbureau ANP. Uit deze berichtgeving hebben wij een aantal opmerkelijke feiten gekozen die vragen opriepen. Vervolgens zij we aan de slag gegaan met het natrekken van de feiten, althans voor zover dat mogelijk was (zie conclusie). Natuurlijk vermelden we het ook indien media accuraat zijn in de berichtgeving.

De zaak

Op 14 januari 2012 wordt de 15-jarige Joyce Hau in de gang van haar ouderlijke huis in Arnhem neergestoken. Haar vader, Chun Nam Hau, schiet zijn dochter te hulp, maar raakt zelf ernstig gewond. De destijds 14-jarige dader, Jinhua K. uit Capelle aan den IJssel, steekt de vader met een mes in zijn gezicht en armen. Niet veel later wordt Jinhua door de politie gearresteerd. Joyce wordt met verwondingen in haar nek en hals naar het Radboud Ziekenhuis in Nijmegen gebracht. Vijf dagen na de aanval, op 19 januari, overlijdt ze alsnog.

Op dinsdag 17 januari wordt ook Wesley C., een 17-jarige jongen uit Rotterdam, opgepakt. Een week later, op 24 januari, wordt Polly W. aangehouden. Opmerkelijk aangezien Polly volgens de vader van Joyce de beste vriendin is van zijn dochter. De politie arresteert het tweetal op verdenking van uitlokking tot moord. De twee meisjes hebben ruzie gekregen op een verjaardag, waarna Joyce roddels over Polly heeft verspreid, via Facebook en sms’jes. Polly wil Joyce de mond snoeren en om dit te bewerkstelligen neemt ze een extreme beslissing: Joyce moet dood. Zij bespreekt de plannen met haar toenmalige vriendje Wesley, die zich voor deze klus wendt tot Jinhua. Via Facebook wordt door de drie tieners gesproken over de totstandkoming van de moord. Naar aanleiding van die gesprekken reist Jinhua zelfs een keer af naar Arnhem om uit te zoeken waar hij precies moet zijn. Voor zijn daad spreekt Wesley een vergoeding af met Jinhua.

Op dinsdag 17 april besluit de meervoudige kamer voor kinderstrafzaken om de zaak tegen de van moord verdachte Jinhua in de openbaarheid te behandelen. De rechtbank komt tot dit besluit, omdat het volgens de drie kinderrechters gaat om een uitzonderlijke, zeer ernstige zaak met veel impact. Strafzaken waarbij minderjarigen als zodanig berecht worden vinden doorgaans achter gesloten deuren behandeld. De rechtbank neemt wel het besluit de zaak van Polly niet openbaar te behandelen. De advocaat van Polly bepleitte dat de aandacht haar te veel schade zou berokkenen. De zaken tegen Polly en Wesley zijn aangehouden tot eind oktober.

Op maandag 3 september doet de rechtbank uitspraak in de zaak van Jinhua. Hij wordt door de rechter schuldig bevonden aan de moord op Joyce en aan poging tot doodslag op haar vader. Hij krijgt de maximale straf, een jaar jeugddetentie. Ook wordt hem de PIJ-maatregel opgelegd voor drie jaar, waarvan een jaar voorwaardelijk. ‘PIJ’ staat voor ‘Plaatsing in een Inrichting voor Jeugdigen’. De maatregel staat ook wel bekend als jeugd-tbs, maar dit is geen officiële term.

De berichtgeving in de media

Kwestie 1:

Jinhua zou enkele tientjes hebben gekregen voor zijn daad en wilde graag bij de vriendengroep van Wesley horen.

Dit staat in een ANP bericht van 21 augustus van dit jaar. Op 26 januari 2012 viel in de Gelderlander te lezen dat Jinhua naar verluidt honderd euro heeft gekregen om het meisje te vermoorden. Op 18 april meldt de Gelderlander weer dat Jinhua bloedgeld zou hebben gekregen voor zijn daad en dat ook zijn drankjes zouden worden betaald tijdens het uitgaan. Wat is nu waar?

Antwoord: In het requisitoir valt te lezen dat verdachte drie, waarmee verwezen wordt naar Wesley, Jinhua een geldbedrag in het vooruitzicht zou hebben gesteld als hij Joyce de mond zou snoeren. Tot op heden is echter niet duidelijk of dit daadwerkelijk is gebeurd. De enige openbare bron die hierover verhaalt is het requisitoir. Het geldbedrag lijkt bovendien niet de belangrijkste drijfveer voor Jinhua om de opdracht uit te voeren. Jinhua zou heel graag bij Wesley in de smaak willen vallen. In het requisitoir staat: “Verdachte drie (Wesley) zei dat we broeders waren en dat het daarom moest gebeuren.” Ook zegt Jinhua dat Wesley hem in het vooruitzicht gesteld zou hebben zijn drankjes te betalen tijdens het uitgaan. Zeker weet hij dat niet meer. Daarnaast laat Jinhua weten te zijn bedreigd door verdachte 2 (Polly) en verdachte 3 (Wesley). Hij zou uiteindelijk gezwicht zijn voor de bedreigingen. Maar de rechtbank acht dit niet bewezen. Het blijft dus een beetje in het midden wat waar of niet waar is.

Kwestie 2: 

De families van Wesley en Polly zouden volgens Jinhua warme banden hebben met de Chinese maffia en die zou Jinhua te grazen nemen als hij niet zou meewerken.

Dit staat in de Telegraaf van 21 augustus 2012. In het ANP viel hier niets over te lezen en ook De Gelderlander heeft geen enkele vermelding over Chinese maffia in hun berichtgeving. Hoe komt de Telegraaf aan deze informatie?

Antwoord: In het requisitoir staat dat Jinhua zegt bang te zijn voor de families van zowel Polly als Wesley. Hij is bang voor verdachte 3 (Wesley) en zijn connecties en hij spreekt tegenover de politie over angst voor verdachte 3 (Wesley) en zijn criminele familie. Ook vreest Jinhua de familie van Polly. Hij zegt te zijn bedreigd door verdachte 2 (Polly) en haar familie.

De Telegraaf gaat dus redelijk ver door te berichten over de Chinese maffia. Daarbij baseert de krant zich alleen op verklaringen van hoofdverdachte Jinhua K. Wat meer spitwerk zou niet hebben misstaan.

Kwestie 3:

De politie in Arnhem heeft de mobiele telefoons in beslag genomen van verschillende vriendinnen van het vermoorde meisje Joyce Hau. Ook hebben de tieners hun wachtwoorden van hun profielen op sociale netwerken moeten afgeven.

Dit staat in een artikel van de Gelderlander van vrijdag 27 januari 2012. De krant meldt niet waar de informatie vandaan komt of wat de bronnen zijn.

Antwoord: De politie Gelderland-Midden laat desgevraagd weten dat zij niet de bron is van dit artikel. Paul Koetsier, woordvoerder Gelderland-Midden: “De Gelderlander heeft inderdaad gevraagd of er mobiele telefoons en inloggegevens in beslag genomen zijn, maar we hebben dat niet keihard bevestigd. Zij hebben dat uit andere bronnen vernomen. Lopende een onderzoek doen wij geen uitspraken over de stappen niet wij nemen in een moordzaak.” Op de vraag of de inbeslagname binnen de opsporingsbevoegdheden van de politie valt, antwoordt Koetsier: “Alles wat beschikbaar is om de waarheid aan de dag te brengen wordt toegepast.”

Deze gang van zaken bevestigt ook Joep Lindeman, meester in de rechten en universitair docent aan het Willem Pompe Instituut voor Strafrechtwetenschappen in Utrecht. “Voorwerpen of digitale gegevens zoals wachtwoorden en inloggegevens die kunnen dienen om de waarheid te achterhalen, kunnen door de politie in beslag genomen worden. Of de voorwerpen eigendom zijn van de verdachte of van iemand anders, maakt sowieso niet uit.”

Het blijft onduidelijk of de politie inderdaad telefoons en inloggegevens in beslag heeft genomen.

Kwestie 4: 

Via een Facebook-account zou opdracht zijn gegeven tot de moord.

Dit staat in de Telegraaf op 18 april 2012. In een bericht van het ANP van een dag eerder staat dat Wesley zegt dat Polly social media accounts van hem zou hebben gebruikt. Op deze manier uitte Polly dreigementen en gaf ze uiteindelijk de opdracht tot de moord. Maar in een ANP-bericht van 21 augustus staat dat Polly en haar vriendje Wesley de plannen tot de moord al veel eerder hadden besproken met de dader dan het moment waarop het commando daadwerkelijk werd gegeven. Het is dus onduidelijk hoe de opdracht tot de moord is gegeven. De Telegraaf is de enige krant die met deze conclusie komt.

Antwoord: In de uitspraak staat dat Facebook is gebruikt, maar dat er daarnaast ook andere vormen van social media en communicatie zijn gebruikt om het plan te bespreken. Het komt verder niet naar voren of de opdracht tot de moord via een Facebook-account is gegeven. In de uitspraak staat ook dat er eind november 2011 een dreig-sms’je naar Joyce is gestuurd waarin stond dat ze moest stoppen met het verspreiden van roddels, omdat er anders ‘iets’ zou gebeuren. Er is tevens een gesprek gevoerd op 12 en 13 januari via Facebook tussen verdachte, Polly en Wesley, waarin wordt besproken wat er moet gebeuren. Ook vond er een Skype-gesprek plaats waarin wordt gezegd dat de ouders van Joyce ook gedood moesten worden. Jinhua zou toen hebben gezegd dat dit oké was.

Daarnaast zegt Sigrid Planting, persofficier van de rechtbank in Arnhem het volgende over de rol van facebook: “Social media speelden een rol bij deze zaak, maar de communicatie verliep ook op andere manieren.”

Kwestie 5:

Het is vrij bijzonder dat een zaak met minderjarige verdachten in het openbaar wordt behandeld. De officier van Justitie heeft om openbaarheid gevraagd, omdat het om een zeer ernstige en schokkende zaak gaat.

Dit staat in een ANP bericht van 17 april en het OM heeft zelfs een citaat gegeven hierover: “De oorzaak van dit ernstige feit lijkt te liggen in een heel klein conflict, dit heeft gezorgd voor een enorme schokgolf.”

Antwoord: Eddy Lamers, persvoorlichter rechtbank Arnhem zegt hierover het volgende: “Het komt niet vaak voor dat een zaak met minderjarigen openbaar is. In die zin is het dus opmerkelijk. In de rechtbank in Arnhem is het de afgelopen drie jaar of langer al niet meer voor gekomen. De rechter maakt uiteindelijk de beslissing wat zwaarder weegt, het individuele belang of het maatschappelijke belang. De zaak geeft veel onrust in Arnhem en in de rest van het land. Daarom is er voor gekozen om de zaak openbaar te maken.”

Evert Boerstra, woordvoerder van het OM in Arnhem: “Het is aan de rechtbank om te bepalen of een zaak openbaar is. Het gebeurt niet vaak dat een zaak openbaar is.” Boersma noemt het voorbeeld van de moord op het Haagse Terra College. Hier schoot een 13-jarige jongen op 13 januari 2004 een leraar dood. Deze zaak werd ook openbaar behandeld omdat de impact op de samenleving groot was. Boersma vindt dat ook deze zaak een grote impact heeft op de samenleving.

Conclusie

Over het algemeen zijn de Telegraaf, het ANP en de Gelderlander erg secuur in hun berichtgeving over de Facebook-moord. Waar je van de Telegraaf verwacht dat zij met veel gevoel voor sensatie over een moordzaak zouden schrijven, blijkt dat hun artikelen over het algemeen stroken met de feiten. In hoeverre die feiten daadwerkelijk betrouwbaar zijn, is een heel ander verhaal. Wat duidelijk wordt bij het checken van een kwestie als de Facebook-moord, is dat veel van de beschikbare informatie afkomstig is van verklaringen van verdachten. En hoewel kranten die verklaringen opdreunen als feiten, wil dat nog niet zeggen dat die verklaringen ook daadwerkelijk overeenkomen met de waarheid. Het checken van feiten in een kwestie als deze, is dan ook niet eenvoudig omdat de mate van betrouwbaarheid van de bronnen moeilijk peilbaar is.

Verder is het opmerkelijk dat de Telegraaf, die qua afstand relatief verder van de kwestie verwijderd is dan de Gelderlander veelal over dezelfde informatie beschikt als de regionale krant. Maar in die berichtenstroom over de Facebook-moord heeft het grootste dagblad van Nederland wel de meeste berichten die vraagtekens oproepen. Het ANP is daarentegen heel correct in de berichtgeving. De Gelderlander zat het dichtst op het nieuws en speelde zodoende een thuiswedstrijd. Om die reden was de berichtgeving divers met veel verschillende invalshoeken en uitgebreide reportages. De Gelderlander is heel voorzichtig met alle beschikbare informatie over de Facebook-moord omgegaan en heeft nagenoeg niets gedrukt wat niet klopte.

Toch blijkt de naam Facebook-moord geen recht te doen aan deze moordzaak. Natuurlijk hebben sociale netwerken een rol gespeeld in de totstandkoming van de ruzie en planning van de moord. Maar het gaat natuurlijk veel te ver om te stellen dat Facebook verantwoordelijk is voor deze gruwelijke gebeurtenis waardoor Joyce Hau om het leven kwam.

Bronnen

Advertenties

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder ANP, De Gelderlander, De Telegraaf, Krant, Uncategorized

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s